← Voorbij de Stenen

23 juni 2025

Dit jaar geen de Provada: waarom het champagne-optimisme faalt

Terwijl de vastgoedwereld elkaar feliciteerde, ontvouwde zich vijf dagen lang een pijnlijk eerlijke conversatie over wat er écht speelt

Dit jaar geen  de Provada: waarom het champagne-optimisme faalt

Terwijl de vastgoedwereld elkaar feliciteerde, ontvouwde zich vijf dagen lang een pijnlijk eerlijke conversatie over wat er écht speelt

Door Wessel Tiessens

Ik ben dit jaar niet meer op de Provada geweest. Kon me er gewoon niet toe zetten — te druk, en eerlijk gezegd ook te weinig zin in dat jaarlijkse ritueel van glimmende maquettes en champagne om tien uur 's ochtends. "We gaan het gewoon doen!"

Stikstofcrisis? Opgelost. Woningtekort? Kwestie van doorpakken.

Maar terwijl die vastgoedwereld elkaar weer feliciteerde, draaide er op BNR Big five een heel ander verhaal. Vijf dagen achtereen zaten er experts in de studio. Mona Keijzer, Marja Elzinga, Abdessamat Azafane, Brigit Gerritzen, Arco Groothedde. Namen die je ook op de Provada tegenkomt, maar dan met minder tijd om te vertellen wat er écht speelt.

En wat ze vertelden? Dat maakte me behoorlijk ongemakkelijk.

Vijf waarheden, nul simpele oplossingen

Want dit waren bekenntnissen van mensen die dagelijks worstelen met de wooncrisis, elk vanuit hun eigen perspectief. En wat naar voren kwam was pijnlijk complex.

Keijzer — Stoer: 900.000 nieuwe woningen tot 2030, 24 doorbraaklocaties, gewoon doorpakken.

Elzinga — chirurgisch scherp: "Iedereen betrokken bij vastgoed heeft belang bij schaarste omdat prijzen dan omhoog gaan." De wooncrisis is geen natuurverschijnsel. Het is het gevolg van politieke keuzes. Sinds de jaren '90 afbouw van subsidies, in 2010 afschaffing van het ministerie van Volkshuisvesting.

Azafane — pijnlijk concreet: "Zou jij daar willen wonen?" Want die targets hebben geleid tot "saaie en rechttoe rechtaan" appartementencomplexen. Volumes zonder ziel.

Gerritzen — pragmatisch: Verdichten is het antwoord. "Optoppen, uitplinten, aanplakken." Haar droom: de 15-minutenstad. Maar dan wel duurzaam — gebouwen blijven vijftig jaar staan.

Groothedden — de financiële realiteit: Corporaties moeten plannen voor decennia terwijl de politiek elke vier jaar kan omvallen. Jongeren kunnen niet uit huis — geen doorstroming. Terwijl we meer woonruimte per persoon hebben dan ooit (53m² nu versus 8m² in de jaren '80).

Het paradoxenspel

En hier wordt het confronterend. Want elke oplossing creëert een nieuwe paradox.

Keijzer wil 900.000 woningen, Azafane vraagt "zou jij daar willen wonen?" Elzinga legt bloot dat iedereen profiteert van woningnood, terwijl we roepen om oplossingen. De overheid eist dat in 2030 de helft van alle bouwmaterialen circulair is, maar we hebben haast met die woningen.We hebben meer woonruimte per persoon dan ooit, maar het is moeilijker geworden om een huis te vinden.

Take your pick. Maar kies dan wel consequent — en dat is precies wat niemand doet.

De politieke klucht

Want dan is er ook nog de politiek. Neem de huurbevriezing van Wilders — klonk goed, maar corporaties zouden vanaf 2027 hun plannen moeten stopzetten door gebrek aan geld. Van tafel dus.

Of de Wet Betaalbare Huur. Goed bedoeld, maar gevolg? Tienduizenden woningen worden verkocht omdat verhuurders het niet meer rendabel vinden. Minder huurwoningen. Meer schaarste.

Volgens Elzinga "ontbreekt vaak een centrale visie", wat leidt tot tegenstrijdige maatregelen en "ruis". Die ruis — dat zijn wij. Alle professionals die proberen er iets van te maken terwijl de politiek alle kanten op stuurt.

Het echte probleem

Wat me het meest opviel tijdens het luisteren naar deze vijf experts was niet wat ze zeiden. Het was wat ze níet zeiden.

Niemand had het antwoord. Ze hebben allemaal gelijk. Ze hebben allemaal ongelijk.

We hebben geen gebrek aan ideeën — we verdrinken erin. We hebben een gebrek aan leiderschap dat de moed heeft om complexiteit te omarmen. Leiderschap dat niet kiest voor de ene simpele oplossing — want die bestaat niet — maar voor het ontwerpen van processen waarin tegenstrijdige belangen kunnen worden overbrugd.

Het probleem is dat we nog te veel denken in òf-òf. Òf snel òf zorgvuldig. Òf kwantiteit òf kwaliteit. Òf betaalbaar òf duurzaam.

De hoop: echt polderen

Maar er is hoop. Kijk naar Gerritzen van de Dutch Green Building Council — zij brengt 400 partners samen om problemen aan te pakken. Nederland loopt voorop in "transparantie" en "van elkaar leren en het polderen."

Maar dan wel écht polderen. Niet dat schijnpolderen waarbij de uitkomst al vaststaat.

Het vraagt om teams die de kunst van het constructieve onderhandelen verstaan. Waarbij je samen tot iets komt dat niemand alleen had kunnen bedenken.

Van fata morgana naar fundament

Als ik terugdenk aan die week — geen Provada voor mij, maar wel vijf dagen luisteren naar wat er écht speelt — dan zie ik de keuze die voor ons ligt.

We kunnen blijven geloven in de fata morgana van de simpele oplossing. In maquettes die problemen wegpoetsen. In champagne die complexiteit verdrinkt.

Of we kunnen het lef opbrengen om de werkelijkheid onder ogen te zien. Schaarste die geld oplevert. Targets die leiden tot saaie dozen. Beleid dat averechts werkt.

Dat betekent niet dat we de urgentie verliezen. Het betekent dat we slimmer worden. Dat we processen ontwerpen die zowel snel als zorgvuldig zijn.

Dat is het leiderschap waar Nederland om schreeuwt. Niet de manager die roept dat het gewoon moet gebeuren. Maar de facilitator die verschillende werelden met elkaar in gesprek brengt.

Want uiteindelijk wil iedereen hetzelfde. Mooie plekken om te wonen. Betaalbare woningen. Levendige wijken.

De vraag is niet óf we dat kunnen — we zijn Nederland, we hebben polders drooggelegd.

De vraag is hoe we samen de weg daarnaartoe vinden.

En die weg begint niet op de Provada. Die begint in gesprekken zoals die op BNR. Ongemakkelijk, genuanceerd, zonder eenvoudige antwoorden.

Maar wel met echte hoop.

Herken je dit in jouw eigen projecten? Hoe ga jij om met de spanning tussen alle tegenstrijdige eisen in gebiedsontwikkeling?